driehoek
Opgave - APMO 1990 vraag 1
Gegeven een met
de middens van zijden
respectievelijk en
het midden van de driehoek. Voor iedere waarde van
, hoeveel verschillende driehoeken zijn er zodat
een cyclische vierhoek is (lees: een vierhoek met de vier hoekpunten op één cirkel.)