vierkant
Opgave - APMO 2003 vraag 2
Veronderstel dat een vierkant stukje karton is met als lengte van een zijde
. In een vlak zijn er twee parallelle rechten
en
, die ook op afstand
van elkaar liggen. Het vierkant
wordt in het vlak gelegd zodat de zijden
en
snijden in
en
respectievelijk. De zijden
en
snijden
in
respectievelijk. Stel de omtrekken van driehoeken
en
respectievelijk gelijk aan
en
. Bewijs dat, ongeacht de positionering van het vierkant
,
constant blijft.